De dood kun je geen plekje geven. De liefde wel.

In tijden van verlies is taal soms een lastig ding. Want wat moet je zeggen als iemand afscheid heeft moeten nemen van een partner, een kind, een kleinkind, een ouder, een broer, een zus, een vriend, een collega of een ander die heel dierbaar was?

Sterker nog, woorden zijn dan vaak heel onhandig. Heel goed bedoeld zeggen mensen tegen elkaar. ‘Je moet door hè?’, of ‘sterkte de komende tijd.’ En op kaartjes schrijven we elkaar ‘Ik hoop dat je er goed doorheen komt’, of ‘ik hoop dat je het een plekje kunt geven’.

Woorden die vaak niet troosten. Want waar is dat plekje dan? En waar moet je precies dwars doorheen? En wanneer hoor je weer volop mee te draaien? En kan dat wel? En hoe lang duurt de pijn eigenlijk om het verlies van een zo dierbaar mens of mensje?

Het lijkt soms wel of we het verleerd zijn om gewoon met lege handen, zonder woorden naast iemand te zitten. En te laten komen wat er komt. Want het troost niet, zeggen dat je ‘er dwars doorheen moet’. Het troost dat al je gevoelens, al je angsten maar ook de fijne herinneringen, er gewoon mogen zijn.

Er staat geen tijd voor rouwen. Als er vreselijk veel van iemand is gehouden, dan reist die liefde een leven lang met je mee. Zelfs als je de overledene nooit hebt gekend.

Neem het jongetje uit het boek ‘Groter dan een droom’, die zijn overleden zusje alleen als een fotootje aan de muur kent. Maar dat is niet alles. Hij kent haar uit de verhalen van zijn ouders, uit het verdriet dat soms op alle muren van het huis zit. En hij kent haar uit zijn dromen. Daarover vertelt hij zijn ouders. Zus was zelfs groter dan een droom. Ze nam hem mee op stap. Hij vertelt dat op een ochtend aan zijn vader en moeder. En die kijken niet gek op. Zij weten dat iemand van wie je houdt langer bij je blijft dan gedacht.

Ik droom zelf ook heel veel over mijn ouders. En soms denk ik mijn vader te herkennen in een man die op een bankje in het park zit. Mijn moeder overleed 30 jaar geleden, 12 jaar geleden stierf mijn vader.

Een half jaar na de dood van mijn moeder droomde ik dat ze naast me zat op mijn bed. Ze hield mijn hand vast. Ik was een meisje van 14. In mijn droom zei ze tegen me dat het tijd was om op te staan. We moesten immers naar de markt, het was zaterdagochtend. Ik opende mijn ogen, streek over de lakens van mijn bed en zocht haar hand. Die was nergens meer te vinden. Tranen. Niet alleen van verdriet, maar ook van geluk. Ze had me weer even opgezocht.

In het echte leven probeerden mensen haar juist van me weg te nemen. Docenten die zeiden ‘ben je er nu nog niet over heen?’ Iemand die zei ‘kijk, Daantje lacht weer, meisjes verwerken het vast sneller dan jongens.’ Een week na de dood van mijn moeder. Ik was weer naar dansles gegaan. En ja, ik had gelachen. Blijkbaar snapt de buitenwereld dan helemaal niets van je. Want je bent of aan het verwerken, of je bent verder aan het gaan. Dat je de ene dag doodongelukkig kunt zijn, en de volgende dag weer kunt stralen, dat was blijkbaar totaal tegenstrijdig.

Gelukkig zijn er ook mensen die wars zijn van hoe het hoort. Die snappen dat rouw geen jaar en een dag duurt. Die weten dat je, als je jaren na de dood van je moeder afstudeert, dat je dan ineens haar weer heel erg kunt misssen. Mensen die snappen dat je op je trouwdag in snikken uit kunt barsten omdat je het liefst door je vader naar het altaar was geleid. En die weten dat het niet raar is dat je op de sterfdag van je broer ook jaren later nog een steek kunt voelen omdat er niemand was die jou zo goed kende als hij dat deed. Herinneringen die pijn doen, maar die je ook enorm veel kracht kunnen geven.

Na de dood van mijn moeder waren er gelukkig mensen die geen woorden nodig hadden. Mijn mentor bijvoorbeeld, die me iedere woensdag heel even wilde zien. Het maakte haar niet uit of ik praatte of zweeg. Ik mocht er gewoon even zijn. Zij wist dat het vrolijke kind in de klas het zwaarder had dan iedereen dacht.

Mijn buurvrouw vertelde in die periode dat ook zij haar ouders jong had verloren. Ik vroeg haar of het ooit ophield, de pijn. Wanneer ze weer geluk had gevoeld, en hoe dan. Zij zei toen dat ze had geleerd om verder te leven, om weer van iemand te houden. Maar dat ze haar ouders nog steeds miste. En ze sprak toverwoorden ‘als je iemand mag blijven missen, dan doet de pijn op een gegeven moment minder zeer.’ Als je de pijn niet wegduwt, duwt deze ook niet keihard terug, zo interpreteer ik haar woorden nu.

En dromen. Die hielpen me ook. In mijn dromen herhaalde mijn moeder de woorden die ze een dag voor haar dood tegen me uitsprak:  ‘ik ben er voor je, ook als je het zwaar hebt. Dan leg ik een hand op je schouder.’ Die woorden zijn mijn hele leven troostend geweest. Zij wist hoe ik haar nodig had. Ook nu nog.

Als je mag dromen, dan heb je geen woorden van anderen nodig. Mogen dromen geeft je herinneringen vleugels. Leren omgaan met de dood van iemand die je lief is, is geen kwestie van achter je laten, vergeten, verwerken, voorgoed verleden tijd. Het is de balans zoeken tussen verder gaan, en je blijven voeden met de herinneringen aan degene die er niet meer is. Het is de tijd nemen. Zo lang je nodig hebt. Leren omgaan met de dood is geen kwestie van de dood een plekje geven, maar is een kwestie van de liefde voor hem of haar een levenslang plekje geven. In je hart.

Daan Westerink

Deze tekst sprak ik voor het eerst uit op 9 juni 2013, tijdens de Utrechtse Troostdag Foto: Carla Verwer

Over Daan Westerink 516 Artikelen
pedagoog (MEd), rouwdeskundige, docent en onderwijsontwikkelaar, publicist, mediator, trainer en social media expert.

46 Reacties

  1. Al googelend kwam ik op je blog. Ik lees veel herkenbare dingen.
    1,5 jaar geleden verloor ik zowel mijn broer (slechts 40) en 10 weken later ook mijn vader. Beide onverwachts. Twee keer een afscheid zonder afscheid en dat terwijl afscheid nemen al zo moeilijk is. De situatie die daarna ontstond was zeer hectisch. Ik heb verder geen broers of zussen, uiteraard wel lieve familie en vrienden maar ik heb ruim een jaar in de regelmodus gestaan. De zorg voor en bezorgdheid om mijn moeder, wat is er geregeld, wat moet er geregeld worden, mijn werk en daarnaast dagelijkse dingen waar je normaal de hand niet voor om draait. In het begin vervulde ik de rol van dochter, echtgenoot én zoon maar dat is niet vol te houden. Mijn moeder en ik delen hetzelfde verdriet maar wel vanuit een andere rol. Praten gaat soms lastig, we zijn teveel eigen. De zoektocht naar nieuwe balans is gaande…tot op de dag van vandaag. De toekomst maakt me soms “bang” maar “ze” zeggen dat de tijd de scherpe randjes er vanaf haalt. Ergens weet ik dat ook wel en moet ik mezelf die tijd gunnen en de tijd nemen al. Lastig in een wereld die doordraait.

  2. Wat mooi geschreven. Ik ga zeker opzoek naar je boeken. Heel veel herkenning in je verhaal. Mijn moeder heeft helaas haar strijd gestreden tegen kanker.
    De titel doet mij ook heel veel. Ik heb hem opgeslagen.
    Heel veel succes met wat je doet.

  3. Dank voor jullie reacties. Heel bijzonder om te merken hoeveel deze tekst bij mensen losmaakt.
    @Johan: zo onvoorstelbaar verdrietig, afscheid moeten nemen van je kleinkind. Maria de Greef schreef er een boek over: Het regent in mijn toekomst. http://www.bol.com/nl/p/het-regent-in-mijn-toekomst/1001004007433086/ Heel veel sterkte, en dank dat je hier was!
    @Jozefien: schrijven brengt herinneringen terug. Hoe iemand was, wat je voor iemand voelde, mooie gebeurtenissen, pijnlijke. Dat kan confronterend zijn, maar ook zo troostend. Schrijf als je wilt, anoniem of openbaar, maar schrijf!

  4. @jozefien: Dank je wel Jozefien. Schrijven kan zo’n mooie uitlaatklep zijn. Anoniem of openbaar: door herinneringen op te schrijven, blijft de mensen die je moet missen levend. Dank voor je reactie!

  5. Mooi geschreven, en ik ben het helemaal eens. Rouwen voelt niet als een of ander lineair proces waarbij de seconde na het overlijden het dieptepunt is en het dan elke dag een stap vooruit gaat. Het voelt als heen en weer gaan, en op en neer. Het voelt heel intens en in de weken dat ik het allerverdrietigst was, kon ik ook het allergelukkigst zijn. Met liefde inderdaad. Toen ze er nog was, mijn mama, en we wisten dat het niet lang meer zou duren en we zo genoten van samen iets heel kleins doen. Maar ook nu nog als ik zo hard moet huilen van gemis en tegelijkertijd bijna wil lachen omdat ik zo blij ben dat ze MIJN mama was. Ik geloof niet dat ze er nog is in de zin van dat haar geest nog rondwaart of ze vanuit een of andere plek op ons let. Maar ik geloof wel dat alles wat ze me heeft gegeven, alles wat er tussen ons was en is – de liefde, de aandacht, de grapjes, de verhalen – dat dat niet over gaat. En die houd ik allemaal bij me, en op die manier is ze er voor altijd.
    Ik droom niet zo vaak over haar, dat vind ik jammer. En als het wel zo is, weet ik zelfs in mijn dromen dat ze er niet echt is. Ik kom nooit heel dichtbij haar. Dan word ik verdrietig wakker, maar ook heel blij, want dan heb ik haar weer even gezien.
    Wat mij betreft heb je gelijk: rouwen is de balans zoeken. Zal wel even duren voordat ik die vind, maar dat maakt niet uit. Net zoals het niet uitmaakt dat het nog niet altijd goed gaat. En wat ben ik, net als jij, blij met en dankbaar voor mensen die dat prima vinden. Die zonder iets te zeggen naast je komen zitten op de parkeerplaats van een ziekenhuis in Frankrijk omdat je opeens beseft dat het de eerste keer is dat je weer in een ziekenhuis bent. En die dan met je meehuilen als je overvallen wordt door verdriet. Blij met mensen die vragen hoe het met je gaat en die dat ook echt willen weten. En met vrienden die uit zichzelf een herinnering aan je moeder ophalen en je zo blij kan zijn dat zij haar hebben gekend en dat je niet hoeft uit te leggen wie of hoe ze was.

    Oei, lang verhaal, en dat terwijl ik alleen wilde zeggen: mooie blog! Ik schrijf zelf ook (anoniem) een blog, schrijven helpt me om helderder na te denken en om dingen te herinneren waarvan ik dacht dat ik ze vergeten was.

    Dankjewel voor je verhaal!

  6. Beste

    Heel toevallig ben ik op deze blog terechtgekomen, of moet ik zeggen,…… ik heb gezocht om op deze blog terecht te komen, want je zoekt naar een oplossing om het leed te verwerken. Op 8 juni jongstleden heb ik mijn 1 week jonge kleindochter verloren. Je voelt onmacht, woede en je zoekt naar oorzaken, schuldigen voor dit verlies. Mijn ervaring is dat het échte rouw- en aanvaardingsproces pas start nadat je de zoektocht naar die oorzaken en schuldigen stop zet. Er zijn geen schuldigen, er is geen duidelijke reden of oorzaak. Wat er wel is, is de herinnering aan dit mooie prille leven die ons hoop biedt voor de toekomst die nooit meer dezelfde zal zijn.
    Mooie tekst trouwens!

    Johan

  7. Hai Daan, jouw boek had ik laatst uit de bibliotheek (Leven zonder ouders) In 1987 is mijn vader plotseling overleden aan een hartstilstand (ik was toen 19, hij 56) en in november 2012 is mijn moeder óók heel plotseling overleden aan een hartstilstand, ik ben nu 45 jaar, zij was 78 en zéér vitaal. Bizar dat ik beide ouders op een zo abrupte manier heb moeten verliezen. Ik ben er mee aan het worstelen, het verdriet heeft gekke vormen. Mijn ouders waren al lang gescheiden toen mijn vader overleed, ze waren wel vrienden en mijn moeder is de laatste die hem gezien heeft. De relatie tussen mijn moeder en mij was niet makkelijk en daarom is het verdriet soms grillig. Wat ik vooral ook moeilijk vind, is dat het een onzichtbaar verdriet is en dat het je kan overvallen op ieder willekeurig moment (meestal op de meest ongeschikte momenten 😉 ) Het graf is in mijn geboortedorp, mijn opa en oma van mijn vaders kant lagen er al, mijn vader kwam er later bij (enig kind) en omdat het al zo lang geleden was, hebben we mijn moeder er ook bij kunnen leggen. Het is een plek waar ik zo vaak mogelijk naar toe ga, ik onderhoud het graf als een dierbaar tuintje. Mijn broer en zus gaan regelmatig mee, en ook mijn man en kinderen. Ik kan nog wel uren doorschrijven, maar ik ga stoppen. Dank je wel voor die prachtig rake tekst, ik heb hem doorgestuurd naar familie en vrienden. Het maakt duidelijk hoe verdriet soms geuit kan worden en dat is voor de mensen om mij heen ook niet altijd makkelijk in te schatten. Heel hartelijke groet en het ga je goed, Mieke.

  8. Hoi Daan,
    Prachtig beschreven.
    Al tel je alle clichés op, en neem je een gemiddelde, dan nog zul je nooit een definitie voor rouwen vinden.
    Wat voor de één loslaten is, is voor de ander vasthouden, zo lang mogelijk is.
    Waar tranen vloeien, stroomt liefde.
    Laat het maar zo zijn.
    Groet, John

  9. Heel goed blog! Fijn om te lezen dat er zoveel reacties op komen. Leven met een verlies is zeker te doen als het ruimte gegeven kan worden. Herinner en koester de momenten van samen zijn toen. Ik maak ook graag nieuwe herinneringen, zoals met de kinderen naar het graf van mijn moeder en er iets bijzonders brengen en zeggen. Ookal is ze niet daar, toch is ze dan in onze gedachten, want die speciale plekken maken dat we extra aan haar denken op hetzelfde moment, tezamen.

  10. Wat ontzettend mooi,net anderhalve week geleden is mijn vader overleden,wat fijn om dit te lezen,ik ben erg geraakt.

  11. Dank je wel Daan voor deze mooie bemoedigende woorden. Zo herkenbaar.De liefde draag je continu met je mee en juist dit te moeten missen doet zo ongelooflijk veel pijn, dit gaat nooit weg. Fijn om herkenning te vinden.

  12. Diep en diep geraakt. Wederom een schrijfsel om nog een aantal keer terug te lezen op momenten dat het nodig is. Dank! Soms denk ik wel eens dat je met rouwen de allerdiepste dimensie van ‘houden van’, van liefde, aanraakt.

  13. Heel mooi blog Daan, je woorden raken me.

    ‘Je blijven voeden met de herinneringen aan degene die er niet meer is.’
    Dat is precies wat het gemis aan een kindje dat tijdens de zwangerschap is overleden zo ingewikkeld maakt. Herinneringen aan de zwangerschap zijn niet hetzelfde als herinneringen aan je kindje.
    Voor mij zijn het soms juist de beelden van hoe het had kunnen zijn die (weer) pijn doen.

  14. @Jeltje Diepersloot: Wat mooi wat je schrijft, Jeltje ‘ik leef met de liefde die ik voel’, en dus ook met de dood. Dat is nu precies wat ik bedoel. De dood een plekje geven zou betekenen: achter je laten. Maar de liefde is niet weg, ondanks de dood. De dood reist dus met je mee, als getuige van het leven, en van de liefde. Hartelijk, Daan

  15. Gister zei iemand tegen mij, het is niet goed om met de doden te leven. Ik snapte deze opmerking niet. Ik leef met de liefde die ik voel, met de kleurrijke herinneringen die in mijn schatkist zitten en waar ik vaak over spreek. Als ik dit niet mag benoemen, voelt het voor mij alsof ik mijn dierbaren onderken dat zij een deel zijn van mijn leven. Dank je voor het schrijven Daan. Een fijn artikel om te lezen en erkenning in te vinden.

  16. Heel erg mooi Daan, weer ! Pfff, er zitten uitspraken bij voor op een tegeltje 🙂 Om even naar te kijken en dan weer kracht te voelen.

  17. Bedankt voor deze mooie en herkenbare tekst vanmiddag op de Troostdag in Utrecht!

  18. Prachtig geschreven/verwoord.Enorm herkenbaar..
    Ik zag je link op de Facebook pagina van de Jonge Weduwe.
    Groetjes Mira

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.




Reacties Beschermd door WP-SpamShield voor WordPress