
Net als het hertje Bambi verloor ik op jonge leeftijd mijn moeder. Mijn wereld veranderde voorgoed. Mijn vader, broer en ik misten haar enorm en we gingen heel wankel op zoek naar een nieuw evenwicht. In een wereld die soms gitzwart was, maar af en toe ook roze. Vrienden, liefde, muziek, school en werk gaven ons verdrietige leven soms weer kleur. Dat betekende niet dat wij niet meer verdrietig waren, of ‘er over heen’, het betekende dat we overleefden.
Ik heb honderden nabestaanden geïnterviewd, tientallen begeleid, en ik merk dat er nog veel onwetendheid bestaat over rouw. Er worden over nabestaanden uitspraken gedaan die hen in een hoekje duwen. Een jongen die een maand na de dood van zijn moeder alweer op de dansvloer stond, kreeg de vraag: ‘Heb je het verwerkt?’ Een weduwnaar die na een week weer aan het werk ging, kreeg de opmerking: ‘Je zit in de ontkenningsfase.’ Onzin.
Ik wil graag laten zien er niet slecht 1 manier is om met de dood om te gaan. En dat als je gaat werken, niet praat, niet boos bent, dat niet bij voorbaat betekent dat je iets niet goed doet. Het zegt alleen maar dat je steun zoekt in die dingen die weer kracht geven. En dat is van levensbelang. Sleep mensen dus niet massaal naar praatgroepen of psychologen als ze werken, dansen of niet praten, tenzij ze vastlopen. Kijk door die roze wereld heen, zie hun wankele benen, maar neem die roze wereld niet van ze af. En zorg dat je er bent.
( En daarom is de omslag van mijn boek ‘Verder zonder jou’ dus roze. Met een klein dartel hertje op de voorkant. Als is ze volgens sommigen een hij, en een ree. Maar dan nog.)
Daan Westerink