Tips voor uitvaartondernemers op social media

LI FB TW YTIn de vorige blog Kleine uitvaartorganisaties hebben geen richtlijnen social media schreef ik dat veel grote uitvaartondernemingen  richtlijnen hebben opgesteld  voor het gebruik van social media.

Daarin wordt vaak benadrukt dat je als werknemer een visitekaartje bent van het bedrijf, ook als je op persoonlijke titel twittert of op Facebook zit. De ondertoon is soms negatief, je kunt dan beter spreken over verboden dan over richtlijnen.

Verboden werken echter niet. Meer dan 8 miljoen Nederlanders zitten al op Facebook, meer dan twee miljoen gebruiken Twitter. Zij gebruiken de social media als een verlengstuk van hun werk. Natuurlijk zijn er ook mensen die niets zien in de social media. Geboden als ‘je moet op Twitter’ werken voor hen dan weer niet. Netwerken via de social media moet je liggen.

Maar of je nu werkt bij een grote of kleine uitvaartorganisatie, of je nu fervent twitteraar bent of juist helemaal niet, het is goed om na te denken wat je als organisatie wilt doen op de digitale snelweg. Ga met elkaar om de tafel zitten.Onderstaande tips kunnen helpen eigen richtlijnen op te stellen.

Tips voor uitvaartondernemers op social media:

  • Kijk eerst eens rond op Twitter, Facebook en LinkedIn voor je begint met het plaatsen van berichten. Je hoeft niet zelf te twitteren of te facebooken om op de hoogte te blijven van wat collega’s doen op de social media.
  • Check voordat je een bericht de wereld instuurt je privacyinstellingen.
  • Facebookpagina’s staan standaard open voor iedere bezoeker. Dat betekent dat als je zelf niets verandert bij de instellingen, alle foto’s en berichten die je plaatst door iedereen te zien zijn, ook als je deze mensen niet kent.
  • Werknemers verplichten op social media actief te zijn heeft geen zin. Ze moeten het leuk vinden. En de werkgever moet het goede voorbeeld geven. Een goed voorbeeld uit een andere branche: Adidas.
  • Open je als organisatie op Facebook een pagina, of op Twitter? Zorg dan voor interactie met  je bezoekers. Geef extra informatie, communiceer met je achterban, maak bijvoorbeeld een groep voor geselecteerde mensen die (onzichtbaar voor anderen) kunnen vertellen wat ze van je producten vinden.
  • Steeds meer consumenten zoeken via social media naar informatie over uitvaartorganisaties. Facebook, Twitter en LinkedIn zijn dus je digitale visitekaartjes.
  • Twitter is een actie-reactie medium. Je zendt iets, je ontvangt iets en je reageert vooral op elkaar. Vind je dit niet leuk? Niet doen!
  • Alleen maar reclameboodschappen rond tweeten werkt averechts. Het is een sociaal medium. Reageer dus op berichten die je krijgt. Ook op klachten.
  • Alles wat je schrijft, blijft bewaard, wellicht voor de eeuwigheid.  Een tweet die jij verwijdert, is misschien door iemand anders al gekopieerd, en dus nog steeds te lezen.
  • Wil je niet dat iedereen zomaar ziet wat je schrijft? Twitter dan met een zogenaamd ‘slotje’. Dan kunnen alleen je volgers je tweets lezen.
  • Er zit geen copyright op uitingen op social media. Iedereen mag jou citeren.
  • LinkedIn is een zakelijke netwerksite. Privé-berichten sturen over wat je doet in je vrije tijd, en klanten bestoken met reclame wordt hier niet op prijs gesteld.
  • Een populaire groep op LinkedIn is Uitvaartwereld, waar ondernemers met elkaar in gesprek gaan over diverse actuele onderwerpen. Je moet wel eerst lid worden van LinkedIn, voor je deel kunt nemen aan de groep.
  • Op Twitter zijn er diverse lijsten met uitvaartondernemers. Ik maakte deze: Twitterlijst Sterven, Uitvaart, Rouw 
  • Voor alle sociale media geldt: alles wat je plaatst (foto’s, berichten, artikelen) mag gebruikt worden door het medium zelf. Ook je gegevens kunnen zonder toestemming gebruikt worden, als je niet aangeeft dat je dit niet wilt.
  • Wees je bewust van wat je twittert of Facebookt. De baas en je klanten lezen ook mee.
  • Gedraag je online zoals je je op je werk gedraagt.

Daan Westerink, 25 december 2012

Over Daan Westerink 555 Artikelen
pedagoog (MEd), rouwdeskundige, docent en onderwijsontwikkelaar, publicist, mediator, trainer en social media expert.